NL EN
Bel mij terug
Bel mij terug
Bel mij
EN NL
X
100% vergoeding? Stap voor 1 jan 2019
over naar een restitutiepolis
Meer informatie

Operatieve behandeling van knieklachten

Indien de niet-operatieve behandelingen van knieklachten onvoldoende uitkomst bieden kan de orthopedisch chirurg samen met u besluiten tot operatief ingrijpen. Het uitvoeren van een operatie bij knieklachten kan bestaan uit gewrichtsparende operaties zoals artroscopische chirurgie (kijkoperatie) of een osteotomie (standsaanpassing) of uit gewrichtsvervangende operaties. Welke ingreep het meest passend is, hangt af van de oorzaak van de knieklachten en soms ook de individuele wensen van de patiënt.

Operatieve behandeling van knieklachten: Gewrichtsparende operaties

De gewrichtsparende operaties bestaan voornamelijk uit de kijkoperatie van de knie of een osteotomie.

Artroscopische chirurgie (kijkoperatie)

Knie artroscopie of knie kijkoperatie - Eisenhower Kliniek

Hierbij wordt een kijkoperatie van de knie verricht. Deze procedure wordt doorgaans verricht onder een ruggenprik en soms onder algehele narcose. Een ruggenprik heeft als grote voordeel dat alleen het onderlichaam tijdelijk verdoofd is (gedurende een aantal uur) en dat de patiënt mee kan kijken tijdens de ingreep op een monitor. Dit verhoogd het begrip over de afwijking en geeft duidelijk inzicht in de oorzaak. Tijdens de kijkoperatie wordt via kleine sneetjes in de huid rondom de knie een camera en instrumenten in het kniegewricht gebracht. Via deze camera kan de knie van binnen duidelijk worden afgebeeld. De meniscus, het kraakbeen, de kruisbanden en het slijmvlies worden zo gezien. Als er een afwijking of beschadiging is aan één van deze structuren zal dit tijdens de kijkoperatie aan het licht komen. En indien nodig kan er direct worden ingegrepen. 

Een kijkoperatie duurt ongeveer 15 tot 30 minuten en vindt doorgaans in dagbehandeling plaats. 

Indicatie

Er zijn vele redenen om voor deze operatieve behandeling van knieklachten te kiezen. Hieronder volgt een lijst met de belangrijkste indicaties:

  • Meniscusletsel;
    De meest voorkomende reden voor het verrichten van een kijkoperatie is een scheur in de meniscus. Tijdens de kijkoperatie kan het kapotte stukje meniscus worden weggehaald. Soms is het mogelijk om de meniscus te hechten. Dit is echter afhankelijk van het type van de scheur.
  • Corpora libera (losliggend weefsel/kraakbeen/bot);
    Soms zijn losliggende stukjes bot of kraakbeen de oorzaak van de knieklachten. Tijdens een kijkoperatie kunnen deze relatief gemakkelijk verwijderd worden. Beschadigd kraakbeen kan echter niet hersteld worden. Wel kan het onderliggende bot worden opgeboord om het lichaam te stimuleren tot herstel.
  • Kruisbandletsel;
    Als voorafgaand aan de ingreep op basis van het lichamelijk onderzoek en aanvullende diagnostiek het vermoeden op kruisbandletsel bestaat, kan besloten worden tot een kijkoperatie. Bij deze kijkoperatie kunnen de kruisbanden geïnspecteerd worden en kunnen losse rafels worden schoongemaakt. Bij weinig tot geen instabiliteitsklachten van de aangedane knie kan dit volstaan. Indien er instabiliteitsklachtenzijn kan besloten worden tot het reconstrueren van de gescheurde kruisband. Dit wordt grotendeels met een kijkoperatie gedaan. Tijdens deze operatie wordt de gescheurde (voorste) kruisband vervangen door twee pezen van de hamstrings of door een deel van de knieschijfpees.

Nabehandeling

De nabehandeling na een kijkoperatie van de knie hangt af van de complexiteit van de operatie.

Na de operatie wordt er altijd een drukverband aangelegd. Deze mag u zelf 24 uur na de operatie verwijderen. De eerste 5 dagen moeten de wondjes droog blijven, hierna mogen de hechtpleisters verwijderd worden en mogen de wondjes nat worden. De eerste twee weken na een kijkoperatie kan de knie nog dikker zijn dan normaal ten gevolge van een reactie van het slijmvlies van de knie.

Fysiotherapeutische ondersteuning is meestal niet noodzakelijk. Echter als de (voorste) kruisband gereconstrueerd is zal intensief oefenen noodzakelijk zijn. Het is dan ook van belang om in dat geval uitgebreid te revalideren onder begeleiding van een fysiotherapeut.

Slijtage

Indien er tijdens de kijkoperatie slijtage van het kraakbeen van één of meerdere compartimenten van de knie (artrose) is vastgesteld, kunnen de klachten van de knie aanhouden na de operatie. Het duurt bij knieën met artrose bovendien langer voordat de zwelling en pijn afnemen na de operatie (+- 6 weken).

Complicaties

Gelukkig komen complicaties na een kijkoperatie van de knie slechts zelden voor.

  • Wondlekkage;
    Soms kunnen de insteekwondjes in de huid, de sneetjes waardoor de instrumenten en camera in de knie zijn ingebracht, nog wat nalekken. Doorgaans is het voldoende om het verband te wisselen, een extra hechting is zelden nodig.
  • Infectie;
    De kans op een infectie van de knie is nihil. Mocht de knie echter toch rood, gezwollen, warm en pijnlijk worden en ontwikkelt u koorts dan moet u direct contact opnemen met uw behandelend arts van de Eisenhower Kliniek.
  • Trombosebeen;
    De kans op een trombosebeen na een kijkoperatie is klein. Door de operatie en het minder mobiel zijn nadien is de doorstroom van bloed in het geopereerde been wat verminderd. Hierdoor kan er een bloedstolsel in een bloedvat ontstaan. U krijgt op de dag van de operatie eenmalig een injectie met fraxiparine om dit risico te verkleinen. Overgewicht, anticonceptie-pilgebruik en roken vergroot het risico op trombose

De behandeling van knieproblemen met een arthroscopie van de knie wordt in Nederland veelvuldig gedaan. Binnen ons team zijn Saskia Wiersma en Sebastiaan Jansen de experts op het gebied van de arthroscopie van de knie. Tijdens de afspraak bespreekt u samen met een van hen de mogelijkheden.

Kruisbandreconstructie

Een veelvoorkomend letsel van de knie is de gescheurde voorste kruisband. Doordat de kruisband gescheurd is kan deze zijn stabiliserende werking niet meer voldoende uitvoeren. Normaal gesproken voorkomt de voorste kruisband namelijk dat het scheenbeen naar voren kan bewegen ten opzicht van het dijbeen. Indien de voorste kruisband is gescheurd kan het gevoel van doorzakken en instabiliteit optreden.

Aan de hand van lichamelijk onderzoek en aanvullende diagnostiek door middel van een MRI scan kan de diagnose gesteld worden. Allereerst zal altijd gestart worden met het trainen van de bovenbeenspieren (al dan niet onder begeleiding van een fysiotherapeut). Hiermee kan veel stabiliteit gecreëerd worden.

Als dit echter onvoldoende stabiliteit geeft, of de orthopedisch chirurg inschat dat de knie zonder operatie meer schade oploopt, kan het reconstrueren van de voorste kruisband overwogen worden.

 De operatie

Tijdens een kijkoperatie van de knie wordt de gescheurde (voorste) kruisband vervangen door twee pezen van de hamstrings of door een deel van de knieschijfpees (bone-patella-bone-techniek).

Tijdens de ingreep zal als eerste de resten van de gescheurde kruisband worden verwijderd en wordt de knie geïnspecteerd op ander letsel. Daarna worden, via een extra snee naast de kleine sneetjes voor de kijkoperatie, de pezen van de hamstrings of de knieschijfpees verkregen. Nadat de optimale plaats gevonden is worden hierna gaten in het dijbeen en het scheenbeen geboord. Via deze boorgaten (“tunnels”) worden de pezen getrokken. Aan beide zijden wordt de nieuwe kruisband vastgezet in de tunnels met een schroef of een flip-over-systeem. 

Nabehandeling

Een kruisbandreconstructie operatie duurt ongeveer 1 uur en vindt doorgaans in dagbehandeling plaats. Na de ingreep begint het revalidatieprogramma met de fysiotherapeut. Deze revalidatie tot sporthervatting duurt ongeveer 8 à 9 maanden.

Complicatie risico’s

De complicatie risico’s zijn vergelijkbaar met die van een kijkoperatie van de knie

Osteotomie (standsbeencorrectie)

Indien er sprake is van kraakbeenslijtage / artrose in één specifiek deel van het kniegewricht, binnen- of buitenzijde, kan een osteotomie van het dij- of scheenbeen een mogelijke behandeloptie zijn.

Als de slijtage zich aan één kant van de knie bevindt kan hiermee de belastingsas worden veranderd door middel van een standsbeencorrectie. Zo kan er van een O-been een X-been gemaakt worden. Doordat met deze osteotomie de stand wordt aangepast wordt de druk op het gewrichtsvlak verminderd. Hiermee wordt het versleten kraakbeen en het aangedane gewrichtsvlak zelf niet behandeld. Voorafgaand aan de ingreep wordt door middel van speciale röntgenfoto’s de belastingsas van de knie bepaald en wordt er aan de hand van de gemeten hoek de mate van correctie bepaald.

Operatie

Er bestaan verschillende technieken voor het uitvoeren van een osteotomie.

Bij de open wig-techniek wordt een zaagsnede in het scheenbeen of het dijbeen gemaakt en worden de botvlakken uit elkaar bewogen totdat de voorafgaand berekende correctiehoek bereikt is. In deze aangepaste stand wordt het bot weer vastgezet met een plaat en schroeven. De ruimte welke hiermee gemaakt wordt in het bot, kan worden opgevuld met bot maar dit is niet noodzakelijk.

Bij een gesloten wig-techniek wordt een van tevoren berekende botwig uit het scheenbeen of het bovenbeen verwijderd waarna de bothelften weer op elkaar aansluiten. In deze aangepaste stand wordt het bot dan weer vastgezet met een plaat en schroeven. Ook zal een stuk van het kuitbeen moeten worden doorgezaagd als er een osteotomie van het scheenbeen wordt verricht.

De locatie van de osteotomie is afhankelijk van de anatomie en de aard van de afwijking. Meestal zal de osteotomie onder de knie in het scheenbeen worden gemaakt.

Nabehandeling

Een osteotomie operatie duurt ongeveer 1 uur.

De eerste periode na de operatie mag u het geopereerde been niet volledig belasten. Daarom zal u deze de eerste zes weken met krukken moeten belasten. De genezing van de botvlakken duurt ongeveer 6 tot 12 maanden. Deze genezing wordt met röntgenfoto’s in beeld gebracht. Soms ervaren patiënten klachten van de plaat en schroeven. Deze kunnen na 12 maanden verwijderd worden.

Resultaat

Een standscorrectie door middel van een osteotomie lost het slijtage/artrose probleem niet op. Het is voornamelijk bedoeld om het plaatsen van een knieprothese zo lang mogelijk uit te stellen. Over het algemeen wordt een knieprothese hiermee met 5-10 jaar uitgesteld.

 Complicatie risico’s

De kans op een complicatie is klein. Om de kans op de relatief veel voorkomende complicaties (infectie en een trombosebeen) te verminderen wordt rondom de operatie antibiotica gegeven en zal de patiënt tijdens de eerste weken na de operatie antistolling medicatie moeten gebruiken.

Operatieve behandeling van knieklachten: Gewrichtsvervangende operaties

De gewrichtsvervangende operaties bestaan uit de totale en de halve knieprothese.

Knieprotheses

De knieprothese is een veelvuldig gebruikte techniek om (eindstadium) artrose te behandelen. Deze operatie wordt al vele jaren gedaan. Als niet-operatieve behandeling niet het gewenste resultaat heeft komen de totale en de halve knieprothese in beeld. De knieprothese zorgt ervoor dat het pijnlijke en slecht bewegende gewricht weer pijnloos kan bewegen. In de meeste gevallen is de oorzaak van de knieklacht gewrichtsslijtage (artrose).

Bij het plaatsen van een knieprothese worden de versleten gewrichtsvlakken van het dijbeen en het scheenbeen vervangen door een metalen prothese met hiertussen een hard plastic gedeelte.

Totale knieprothese

De kunstknie wordt jaarlijks vele malen geplaatst.

De operatie

Tijdens de operatie van het plaatsen van een totale knieprothese wordt de knie aan de voorzijde opengemaakt door een verticale snee over de knie. Met deze snee van ongeveer 20 centimeter wordt toegang verkregen tot het kniegewricht. De orthopedisch chirurg zal de aangetaste gewrichtsvlakken verwijderen en met speciale instrumenten en pasvormen wordt het bot aangepast aan de vorm van de prothese. Als dit gedaan is zullen de gewrichtshelften vervangen worden door de metalen prothese. De prothese is op een röntgenfoto zichtbaar.  In de Eisenhower Kliniek gebruiken we een gecementeerde prothese. Met dit cement worden deze prothesedelen vastgeklemd in het bot. Wanneer het cement is uitgehard zal de tussenschijf van hard plastic worden geplaatst en wordt het kniegewricht weer gesloten. Over het algemeen is het niet noodzakelijk om een knieschijfprothese te plaatsen. Bij ernstige knieschijfslijtage of bij reuma wordt dit wel gedaan.

Nabehandeling

De operatie duurt ongeveer 1 tot 1.5 uur. Een aantal uur na de ingreep mag u het bed uit en zal de fysiotherapeut met u het revalidatieproces starten. De volgende dag kunt u over het algemeen weer naar huis. De revalidatie bestaat voornamelijk uit het buigen en het strekken van de knie samen met spiertraining. De eerste periode zal de knie nog warm en gezwollen zijn door irritatie na het buigen en strekken. Dit duurt ongeveer zes maanden. Bovendien zijn nachtelijke pijnen in de eerste weken na de ingreep veelvoorkomend. De totale revalidatieperiode na een knieprothese plaatsing is een jaar. Na deze periode mag het eindresultaat van de knieprothese verwacht worden. De exacte revalidatietermijn verschilt van patiënt tot patiënt. 

Halve knieprothese

De halve knieprothese vervangt, zoals de benaming al zegt, niet het gehele kniegewricht maar slechts een deel. Meestal wordt hiermee de binnenzijde (mediale zijde) van het kniegewricht vervangen.

De operatie

Tijdens de operatie van het plaatsen van een halve knieprothese wordt de knie aan de voorzijde opengemaakt door een verticale snee over de knie. Deze snee kan een stuk kleiner zijn dan de snee die nodig is bij een totale knieprothese. Met deze snee wordt toegang verkregen tot de binnenzijde van het kniegewricht. De orthopedisch chirurg zal de aangetaste gewrichtsvlakken aan de binnenzijde van de knie verwijderen en met speciale instrumenten en pasvormen wordt het bot aangepast aan de vorm van de prothese. Als dit gedaan is zullen de gewrichtshelften vervangen worden door de metalen prothese. De prothesedelen worden vastgeklemd in het bot en zullen ingroeien. Daarna kan de tussenschijf van hard plastic worden geplaatst en wordt het kniegewricht weer gesloten.

 Nabehandeling

De nabehandeling van een halve knieprothese is nagenoeg gelijk aan die van een totale knieprothese. Al gaat het wat sneller. De operatie duurt ongeveer 1 tot 1.5 uur. Een aantal uur na de ingreep mag u het bed uit en zal de fysiotherapeut met u het revalidatieproces starten. De volgende dag kunt u over het algemeen weer naar huis. De revalidatie bestaat voornamelijk uit het buigen en het strekken van de knie samen met spiertraining. De eerste periode zal de knie nog warm en gezwollen zijn door irritatie na het buigen en strekken. Dit duurt ongeveer zes maanden. Ook na een halve knieprothese kunnen in de eerste weken na de operatie nachtelijke pijnen optreden. Doorgaans is dit in mindere mate aanwezig in vergelijking met een totale knie prothese. De totale revalidatieperiode na een halve knieprothese plaatsing is een jaar. Alhoewel het proces sneller en vaak minder pijnlijk verloopt duurt de revalidatieperiode dus even lang als een totale knieprothese. Na één jaar is het uiteindelijke resultaat bereikt, hoewel de exacte revalidatietijd kan verschillen per patiënt.

Type protheses

De verschillende type knieprotheses hebben te maken met de manier waarop de prothese wordt bevestigd in het bot; met cement (gecementeerd) of zonder cement en met ingroeimateriaal (ongecementeerd).

Het verschil tussen een gecementeerde prothese en een ongecementeerde prothese is voornamelijk gelegen in de manier van fixatie in het bot. Bij een ongecementeerde prothese is het prothese-oppervlak van een ruw materiaal gemaakt wat het lichaam stimuleert om extra bot aan te maken. Dit extra bot groeit vast in het ruwe oppervlak van de prothese. Hierdoor komt de prothese vast te zitten. Bij een gecementeerde prothese wordt de prothese vastgeklemd op het bot met een speciaal ontwikkeld botcement. Er bestaat geen duidelijk voordeel voor een van deze beide technieken, hoewel de landelijke orthopedische vereniging adviseert om het prothesedeel op het onderbeen altijd met cement te fixeren. De voorkeur en ervaring van de orthopedisch chirurg bepalen de gebruikte techniek. Daarnaast bestaan er verschillende fabrikanten die allemaal net een iets ander ontwerp van de prothese hebben ontwikkeld. Ongeacht welk type prothese geplaatst wordt, zijn 9 van de 10 patiënten na minimaal 10 jaar nog tevreden met hun knieprothese. Er bestaat een (inter)nationale lijst van bewezen goede prothesen. Bij de Eisenhower Kliniek gebruiken we de NexGen Knee en de Oxford Partial Knee van Zimmer Biomet als totale knieprothese en halve knieprothese.

Complicatie risico’s

Elke operatie heeft risico’s, zo ook het plaatsen van een knieprothese. Hoewel deze complicaties slechts in enkele gevallen voorkomen is het wel van belang hier van op de hoogte te zijn.

Belangrijke operatierisico’s zijn wondgenezingsstoornissen, zenuwletsel, infectie en een trombosebeen. Ook kan er sprake zijn van positieveranderingen van de componenten van de knieprothese of kunnen op langere termijn de protheseonderdelen loslaten waardoor er een revisieoperatie verricht zal moeten worden.

 Binnen ons team is drs. Saskia Wiersma gespecialiseerd in het plaatsen van een knieprothese.

 

Contact

Eisenhower Kliniek
Eisenhowerlaan 77f
2517 KK Den Haag
Nederland
Tel:+31 (0) 70 20 59 800 +31 (0) 70 20 59 800
info@eisenhowerkliniek.nl

Afspraak maken
Akkoord
Wij gebruiken cookies om de ervaring op onze website te verbeteren, statistieken bij te houden en je toegang te geven tot onze social media.
Door gebruik te maken van deze website of door op akkoord te drukken, ga je akkoord met ons cookiebeleid. Je kunt ook niet akkoord gaan.